De lagere school

Het was uitzonderlijk, dat de meisjesschool van Tienray al vanaf de oprichting in 1910 katholiek was. De zusters hadden deze school in het klooster opgericht en zorgden zelf voor de financiën.
Vanaf dat jaar gingen de Swolgense meisjes ook in Tienray naar school. Ook meisjes uit andere dorpen wisten de weg naar de Tienrayse school te vinden. Pastoor Von Bönninghausen was de eerste voorzitter van het Tienrayse schoolbestuur. Uit een leerlingenlijst blijkt, dat ook kinderen uit Wanssum en Meerlo in Tienray naar school gingen.

Op deze foto van 1938 kijken de kinderen wel erg ernstig.
De school zal dus wel een erg goede naam gehad hebben. Vooral het vak “nuttige handwerken” sprak de ouders aan.
Ook de school in het klooster werd elk jaar geïnspecteerd door de Gezondheidscommissie.
De bijzondere school van de eerwaarde zusters in Tienray “was goed en de reinheid van de inrichting was uitstekend”.
De zusters hebben op 1 januari 1915 duizend gulden geleend van de parochiekerk Swolgen tegen vier procent rente. Dit geld was nodig om de school uit te breiden.
In de dertiger jaren werd de speelplaats in Tienray verbeterd en van een afrastering voorzien.
De zusters konden van twee klaslokalen één groot maken door middel van een schuifdeur, die echter niet geheel voldeed.
Tienray had in 1938 104 meisjes op school en bij het begin van de oorlog stonden er 122 kinderen op school ingeschreven.
Tot 1960 was de lagere school in het klooster ondergebracht. De zusters konden de schoolruimten echter zelf goed gebruiken en bouwden met toestemming van de overheid een nieuwe school aan de Bernadettelaan.
Vanaf toen gingen alle kinderen van Swolgen en Tienray in hun eigen dorp naar de lagere school en werden beide scholen gemengd.
Aan de school van de zusters gaven niet alleen kloosterlingen les, ook leken werden ingezet.
Regelmatig mochten de leerkrachten in het klooster inwonen. Zo was er een contract met mejuffrouw Zwan. Zij moest minstens één jaar in Tienray les geven. Daarna kon ze eventueel ontslag nemen. Toen ze definitief benoemd werd, moest ze minstens drie jaar blijven.
In 1913 gaf mejuffrouw Nellie Gonland uit Den Bosch les aan de school. Ook zij verbleef in het klooster, maar ze kreeg volgens haar vader slecht te eten. Hij schrijft: “Nu is Tienray Den Bosch niet, maar er moeten per dag goede aardappelen komen en twee eieren”.
In 1960 werd zuster Willibrord hoofd van de nieuwe gemengde Mariaschool aan de Bernadettelaan.
Zij werd in 1963 opgevolgd door Harrie Raaijmakers uit Geertruidenberg. Op 1 december 1995 nam hij afscheid en werd enkele maanden later opgevolgd door Jos Gubbels uit Grubbenvorst. Op het einde van het schooljaar 1980-1981 nam zuster Mechtelt afscheid van de Mariaschool wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.
Zij was de laatste kloosterling, die aan de lagere school verbonden was.